| WWW.MGATO.EU |
![]() |
Technischehoek |
| Herstellen bougiegat schroefdraad |
![]() Herstellen van schroefdraad. Het overkomt ons allen wel eens bij het sleutelen: een bougie scheef in de kop gedraaid en dat pas merken als het draaien van de sleutel toch wel erg veel kracht kostte. In de goede stand opnieuw proberen leidt vaak tot het nog verder wegvreten van het schroefdraad. Een busje in de kop zetten is vaak de eerste gedachte. Meestal zit dat busje dan vast aan een uitgeschroefde bougie. Een betere methode is een z.g. 'schroefveer' (beter bekend als Helicoilgebruiken. |
|
Verschillende voordelen. Helicoil moet eigenlijk Heli Coil zijn, en dat is een merk (net als o.a. Maggi, een merk soep- aroma en Luxaflex, een zonweringmerk is, die in de loop der tijd tot een soortnaam zijn geworden). Helicoils voor de reparatie van beschadigde draad biedt verschillende voordelen. Om te beginnen hoeft het oorspronkelijke gat maar heel weinig groter geboord te worden, zo'n 1 mm. (hangt af van de oorspronkelijke diameter van het gat). De gemonteerde veer zal zichzelf in twee richtingen borgen, zowel tegen verder draaien als tegen uitdraaien. Bovendien blijft hij strak zitten omdat hij er met voorspanning in gedraaid zit. Zo kan hij het uitzetten en krimpen en ook trillingen moeiteloos doorstaan. Tevens is de veer zeer hard, zodat je hem niet snel stuk draait. Als je een bout scheef in een goed gemonteerde draadveer forceert, zal de bout eerder sneuvelen, maar de draadveer blijft gewoon bruikbaar. |
![]() Boren. Dat uitboren doe je met speciale boren, met afwijkende maten (b.v. M8 boor je voor met een 8,3mm). Het fijnst gaat het met een boormachine die langzaam start. Een snelstarten d boor kan gaan 'happen' in de rand van het gat. Ook moet je geen grote kracht op de boormachine uitoefenen. Als laatste kies je een niet te hoog toerental en een lage kracht (de boormachine slaat snel af bij e.v.t. vastzitten). Zo 'loopt' de boor vanzelf door het gat naar beneden. |
![]() Tappen. Nu moet er een speciale 'tap' gebruikt worden waarmee een 'overmaat schroefdraad' getapt wordt. Nu moet je er heel goed op letten dat je de tappen wel in de goede positie doe. De stand van de tap moet exact gelijk zijn aan die van de toekomstige bout of bougie. Scheef tappen lukt n.l. prima en ook nog heel gemakkelijk en is niet meer te corrigeren; dus voorzichtigheid is hierbij geboden! Steeds na één omwenteling draaien we even -heen en weer- met de tap om de draad 'schoon' te tappen. Als je dit niet doet zul je merken dat het tappen steeds zwaarder gaat. je loopt dan de kans de draad tijdens het tappen te vernielen. Met dit -heen en weer- draaien tussendoor blijft het tappen licht gaan en krijgen we een mooie schone draad. Deze draad lijkt sterk op een normaal schroefdraad, maar de hoeken van de insnijdingen zijn iets anders vormgegeven.Dit betekend dat je er waarschijnlijk wel een bout in kunt draaien, maar dat deze er uiteindelijk niet stevig in zit. Dit moet je dan ook maar niet proberen, want met deze manier van repareren willen we nou juist bereiken dat de oorspronkelijke maat bougie of bout er weer goed in past. |
![]() Veer. Zover is het nog niet, we moeten eerst nog de veer inbrengen. Er is hiervoor alweer een speciaal apparaatje nodig, waarin we de veer op voorspanning brengen. je draait de veer in het neus_.L1 stuk met de spindel. Om dit te kunnen doen is er in het uiteinde van de veer een dwars- stuk met een breukvlak aangebracht. Als je de spindel met geweld zou draaien, breekt het dwarsstuk uit de veer en is deze verder onbruikbaar geworden. Als we de veer goed in het neusvlak hebben zitten -dus de eerste gang wil er al weer uit komen- zetten we dit inbreng- apparaat op het getapte gat. Zonder te duwen (eerder een heel klein beetje met een trekkende beweging) draaien we nu de spindel verder, waarbij we het apparaat goed stil houden. Dat inbrengapparaat wil nu iets draaien, omdat de veer er met voorspanning in zit. Dat moeten we niet laten gebeuren, het apparaat moet volkomen stil op zijn plaats blijven. We draaien nu de veer bijna helemaal in de schroefdraad. Bijna, want door de wegvallende spanning op het inbrengapparaat kun je voelen wanneer de laatste gang in het gat gaat. Nu stoppen we even. |
|
Controle. Het apparaat halen we nu even van de veer af. De laatste gang steekt nog uit het schroef draadgat. Nu kunnen we nog controleren of de veer goed in de draad gaat. Als hij een gang over heeft geslagen, bijvoorbeeld omdat je toch geduwd hebt, of er zat nog een braampje in de weg, dan ben je nu nog in de gelegenheid om iets hieraan te doen. Is er sprake van een gat door en door (b.v. een bougiegat in een losse cilinderkop), dan kun je de draadveer er helemaal doorheen draaien en opnieuw dezelfde procedure volgen. Dat kan nog zolang het breekstukje nog aanwezig is. Is er sprake van een gat met een bodem en de veer heeft een gang overgeslagen, dan kun je nu de draadveer (helaas met enig geweld) nog uit het gat trekken aan de laatste draadgang die we er nog niet in hadden gedraaid. De getapte draad beschadigd zo waarschijnlijk wel iets, maar dat is niet te vermijden. De hierbij gebruikte draadveer is niet meer bruikbaar en kunnen we dus weggooien. Zou je hem er al helemaal ingedraaid hebben, terwijl hij een gang overgeslagen heeft, dan had je nu een groter probleem, want een veer er weer uitdraaien gaat niet. Na het uitgetrokken hebben van de draadveer schonen we hetgatweereven metdetapopendoeneen hernieuwde poging. Vaak voel je bij het inbrengen wel dat de veer een gang overslaat, want dan gaat het ineens een stuk zwaarder. Is alles in orde, dan kunnen we ook die laatste gang er in draaien. Dat kan het best met de losse spindel gebeuren. Je kunt hierbij ook mooi zien hoe de laatste gang in het gat verdwijnt. |
|
Aftikken. We zijn nu zover dat de veer er goed in zit. Bij de set gereedschap hoort een geleider/uittikstift. Die past precies in de in gemonteerde veer. In de holle geleider zit een slagpin, die (met een licht hamertje) het breekstukje afslaat, zonder de eerste draadgang te laten overspringen. Dat gevaar bestaat wel als je hiervoor gewoon een pinnetje of schroevendraaier gebruikt. Dat breekstukje moet je natuurlijk wel kwijt uit het draadgat, want door de gebruikte harde staal- soort waarvan de veren doorgaans van gemaakt worden, kan dit voor schade aan bouten (of bougies) zorgen als het tussen de draad zou komen. Daarom kun je ook geen helicoil monteren in een kop die nog gemonteerd zit op het motorblok. Het stukje dat je er n.l. afslaat en in het gat zal verdwijnen, is goed voor de nodige zuiger- en kleppenschade die er onherroepelijk door zal ontstaan, en daar zit natuurlijk niemand op te wachten. |
|
Klaar. Mocht na dit alles het geheel goed gemonteerd zijn, dan ontstaat er vanwege de gebruikte harde staalsoort van de helicoil zelfs een betere schroefgatverbinding dan dat er ooit heeft gezeten. De bout of bougie heeft nu weer een prima schroefgat die weer jaren mee kan. Bron:Stichting Vriendenkring Klassiekers / 7e jaargang nummer 39 november 2006. www.vriendenkring-klassiekers.nl |
| Webdesign: Wim K. der Kinderen WWW.MGATO.EU |
